Opmaak uitschakelen
Certificaat van toegankelijkheid Voor de gekeurde pagina's van de website http://www.handicap-studie.nl

Alternatieve toetsing onder de loep: spelling

19 mei 2015
Alternatieve toetsing onder de loep: spelling
Alternatieve toetsing onder de loep: spelling">
Voor studenten met een functiebeperking is het soms lastig een regulier tentamen te maken of stage te lopen, als gevolg van belemmeringen door een functiebeperking. Aanpassingen, zoals een flexibeler programma of alternatieve toets, kunnen hierbij als oplossing dienen. Maar mag dit wel en zo ja, hoe ziet dit er dan uit? handicap + studie verzamelt voorbeelden en legt ze onder de loep.

Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte

Op grond van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte zijn onderwijsinstellingen verplicht doeltreffende  aanpassingen te verrichten, tenzij dit een onredelijke  belasting vormt. Als een student kenbaar heeft gemaakt een aanpassing te willen voor zijn of haar belemmering, kan een instelling dit dus niet zomaar weigeren. Instellingen hebben namelijk een onderzoeksplicht, hetgeen inhoudt dat ze actief moeten onderzoeken of er passende aanpassingen mogelijk zijn.

Bij aanpassingen kan men denken aan het gebruik van een computer tijdens het tentamen, spreiding van de tentamens of opknippen van de stageperiode.
Het doen van aanpassingen betekent niet dat de studie inhoudelijk wordt aangepast, het wordt niet gemakkelijker om de studie te behalen. Passende aanpassingen houden wel in dat de studie ‘studeerbaar’ wordt.

 plaatje Please climb that tree

Behoefte aan voorbeelden

handicap + studie merkt dat instellingen worstelen met alternatieve toetsen en stages, en er behoefte is aan voorbeelden. Daarom zijn we op zoek naar good practices die als voorbeeld kunnen dienen voor andere instellingen.

Paulien van der Helm, docent en dyslexiespecialist bij de Hogeschool Windesheim, geeft handicap + studie de eerste tips voor aanpassingen, en een goed voorbeeld voor een alternatieve toets.
Het gaat hierbij om de spellingstoets. Voor sommige studenten met dyslexie is deze spellingtoets, die in veel opleidingen behaald moet worden, namelijk een enorm struikelblok.

Aanpassingen die volgens Paulien goed kunnen helpen

  • Een extra kans;
  • De taaltoets opdelen in 2 of 3 aparte onderdelen, die op verschillende tijdstippen getoetst worden;
  • Voorleessoftware laten zeggen wat er in de zin staat (de student moet bij zo’n zin aangeven of hij goed of fout is);
  • Een onderdeel waarin de student fouten moet opsporen, schrappen en vervangen door meer andere opgaven;
  • Een schema voor de werkwoordspelling bij het tentamen laten gebruiken.

Alternatief voor de spellingstoets

Paulien van der Helm vertelt over alternatieve toetsing die Windesheim heeft toegepast voor een studente met dyslexie, die de opleiding LVO Gezondheid & Welzijn volgt en de spellingstoets keer op keer niet haalde:

De studente kreeg een schrijfopdracht, passend bij wat er in het latere beroep van haar gevraagd wordt, waarbij het gebruik van alle hulpmiddelen die je maar kunt verzinnen is toegestaan (spellingcontrole, google, websites, spraakherkenning, woordenboeken, etc.). In het latere beroep kun je immers ook gewoon gebruik maken van hulpmiddelen. Als deze student kan laten zien dat ze op deze manier goed genoeg spelt, is dat goed.

Volgens Paulien kan deze alternatieve toetsvorm goed worden uitgevoerd door de docent: De docent Nederlands heeft een opdracht geformuleerd en een toetsmatrijs gemaakt. 

Op de vraag of de instelling als gevolg hiervan mogelijk wordt overspoeld door dit soort aanvragen, antwoordt Van der Helm dat dit niet het geval is. Ze geeft aan dat studenten niet zomaar voor een alternatieve toets in aanmerking komen, maar eerst aan een aantal voorwaarden moeten voldoen: De student  moet alle andere vakken hebben behaald en begeleiding gehad hebben van mij. Er is een protocol opgesteld, waarin dit soort afspraken vermeld staan.

Paulien benadrukt dat instellingen volgens haar meer zouden moeten kijken naar het doel van de opleiding: We willen een goede professional afleveren die een goed stuk kan schrijven. Hoe diegene tot dat goede stuk komt, is niet relevant. Parate kennis over hoe je bijvoorbeeld ‘ zee-egel’ schrijft, is dan ook niet belangrijk voor veruit de meeste opleidingen, de spellingcontrole lost dit immers wel voor je op.

De vraag waar veel instellingen mee zitten bij alternatieve toetsing, is of de kwaliteit kan worden geborgd. Hoe denkt Windesheim hierover?

Spelling Nederlands valt onder de HBO-competenties, maar nergens staat dat je dit zou moeten toetsen door meerkeuzevragen over d’s en t’s, aldus Paulien. Een alternatief in bovengenoemde vorm is daarom een prima optie.’ Hierbij plaatst ze wel een kanttekening: Als in het profiel van de opleiding staat dat het voor het beroep belangrijk is om spelling goed te beheersen als parate kennis, is een spellingtoets wel relevant (denk aan PABO en LVO Nederlands).

Het bovenstaande stemt ook overeen met uitspraken van het College voor de Rechten van de Mens. Zo mag de gevraagde aanpassing niet de inhoud van de exameneisen raken. Om dit te bepalen is van belang of er sprake is van een kerncompetentie. Zie bijvoorbeeld:  (http://mensenrechten.nl/publicaties/oordelen/2014-169)

handicap + studie is op zoek naar nog meer good practices die verspreid kunnen worden. Heeft u nog een goed voorbeeld? Stuur dan een e-mail naar eline.thijssen@handicap-studie.nl en wij nemen contact met u op! 

Meer over dit onderwerp

Toetsing en examinering

Soms zijn bepaalde toetsvormen voor studenten met een functiebeperking niet geschikt: bijvoorbeeld een dove student die geen luistertoets kan maken. Alternatieve routes zijn dan geboden. De uitdaging voor instellingen ligt in het bieden van alternatieven waarbij de student aan dezelfde eindkwalificaties voldoet.