Opmaak uitschakelen

Wet- en regelgeving stage en werk

-
Wet- en regelgeving stage en werk
">

Participatiewet

De Participatiewet voegt de Wet Werk en Bijstand, Wet sociale werkvoorziening en een deel van de Wajong samen. Op 1 januari 2015 trad de wet in werking.

Het uitgangspunt van de participatiewet is om mensen zoveel mogelijk in reguliere banen bij reguliere werkgevers te laten werken. Gemeenten zijn sinds 1 januari 2015 verantwoordelijk voor mensen met een functiebeperking die kunnen werken (mensen met arbeidsvermogen). Jonggehandicapten met arbeidsvermogen komen daardoor sinds 1 januari 2015 niet meer in de Wajong.

Zie voor meer informatie:

Quotumwet

De Quotumwet is onderdeel van de Participatiewet. In het sociaal akkoord (overeenkomst tussen regering, werkgevers en werknemers) is afgesproken dat werkgevers 125.000 extra banen creëren voor mensen met een arbeidsbeperking (oplopend tot 2026). Deze extra banen zijn bedoeld voor mensen die door een psychische of lichamelijke beperking niet in staat zijn een inkomen op het niveau van het minimumloon te verdienen.

Op 16 december 2014 werd de ‘Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten’, kortweg Quotumwet, door een grote meerderheid in de Tweede Kamer aangenomen. Elke werkgever met 25 of meer werknemers is verplicht arbeidsplaatsen aan te bieden aan arbeidsbeperkten. Bij het niet voldoen aan het quotum moeten bedrijven betalen voor niet vervulde plekken. Wajongers en mensen op de wachtlijst WSW krijgen de eerste jaren prioriteit. Wel is afgesproken dat de doelgroep wordt verruimd zodat ook hoger opgeleiden onder het quotum vallen. Er mag dan geen sprake zijn van verdringing van laagopgeleiden door hoogopgeleiden.

Voor meer informatie, zie:

Wajong

De Wajong is sinds 1 januari 2015 alleen nog beschikbaar voor mensen die nooit meer kunnen werken. Mensen die reeds vóór 1 januari 2015 Wajong ontvingen, behouden hun recht hierop. Wel krijgen zij te maken met een herbeoordeling. Als uit de herbeoordeling blijkt dat ze arbeidsvermogen hebben, dus kunnen werken, wordt de uitkering per 1 januari 2018 verlaagd van 75% naar 70% van het minimum inkomen.

Nieuwe Wajong (aanvraag gedaan vanaf 1 januari 2010)
Bij de nieuwe Wajong staat de zoektocht naar werk centraal. Jongeren maken afspraken met het UWV over het vinden en behouden van werk. Deze afspraken worden vastgelegd in een participatieplan. Er zijn geen arbeidsongeschiktheidsklassen meer, de hoogte van de Wajong uitkering is afhankelijk van of de aanvrager kan werken, nu niet kan werken maar later wel, naar school gaat of studeert of nooit kan gaan werken. Een herbeoordeling door arts of arbeidsdeskundige is in het geval van Nieuwe Wajong niet nodig.  Zie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/wajong/inhoud/wijzigingen-wajong-2015.

Oude Wajong (aanvraag gedaan vóór 1 januari 2010)
Bij de oude Wajong staat het verkrijgen van een uitkering centraal. Daarnaast helpt het UWV bij het vinden en behouden van werk. De hoogte van de uitkering is afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid.

Voor meer informatie, zie http://www.uwv.nl/particulieren/wajong/index.aspx.

Studietoeslag

Omdat het voor jongeren met een functiebeperking lastig is hun opleiding te combineren met een bijbaan, is er in de Participatiewet een studieregeling opgenomen. Gemeenten kunnen individuele studietoeslag verlenen aan een persoon die voldoet aan de voorwaarden van artikel 36b Participatiewet:

  •  minimaal 18 jaar oud;
  • ontvangt studiefinanciering of een bijdrage op grond van de Wet-tegemoetkoming-onderwijsbijdrage-en-schoolkosten (WTOS);
  • heeft geen in aanmerking te nemen vermogen;
  • is niet in staat om met voltijdse arbeid het minimumloon te verdienen.

Gemeenten moeten op grond van artikel 8 lid 1 sub c Participatiewet aanvullende regels opstellen omtrent het verlenen van individuele studietoeslag. Deze regels moeten in ieder geval betrekking hebben op de hoogte van de toeslag en frequentie van uitbetaling. Per gemeente kunnen de regels verschillen. Het verzoek tot het krijgen van individuele studietoeslag moet worden ingediend bij de gemeente waar de betreffende persoon staat ingeschreven.

Internationaal verdrag inzake de rechten van personen met een handicap

Algemeen

Het VN Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap is een internationaal mensenrechtenverdrag, dat als doel heeft de rechten en waarden van alle personen met een handicap te beschermen, waarborgen en te bevorderen. Het verdrag streeft naar sociale inclusie, waarbij mensen met een handicap niet als hulpbehoevend worden beschouwd, maar als zelfstandige personen die, net als ieder ander, deelnemen aan de maatschappij. Er worden geen nieuwe rechten genoemd in het verdrag, maar er wordt een nadere invulling gegeven aan de verplichtingen die op Staten rusten om te voldoen aan de mensenrechten van gehandicapten, gestoeld op de visie van inclusie, persoonlijke autonomie en volledige participatie.

Het verdrag ziet het begrip ‘handicap’ niet als een uitgewerkt statisch begrip, maar als een begrip ‘dat aan verandering onderhevig is en voortvloeit uit de wisselwerking tussen personen met functiebeperkingen en sociale en fysieke drempels die hen belet ten volle, effectief en op de voet van gelijkheid met anderen te participeren in de samenleving.’ Zie de preambule van het verdrag, onder e.

Het verdrag onderscheidt zich van algemene mensenrechtenverdragen door de opgenomen verplichtende elementen. Hierdoor moeten deelnemende Staten gehandicapten actief beschermen tegen de belemmeringen die zij in het dagelijks leven ondervinden. Dit in tegenstelling tot de algemene mensenrechtenverdragen, waarbij gehandicapten vaak slechts in theorie worden beschermd. Verplichtingen voor Staten die uit het verdrag voortvloeien zijn onder andere het uitbannen van discriminatie (artikel 5-7), het bevorderen van bewustwording (artikel 8), het garanderen van toegankelijkheid van onder andere gebouwen, wegen en vervoer (artikel 9).

Nederland heeft het verdrag in 2007 ondertekend. Deze ondertekening betekent dat Nederland de intentie uitspreekt zich aan het verdrag te houden. Het verdrag is dan nog niet bindend. Om te bewerkstelligen dat het verdrag bindend is, moet ratificatie (bekrachtiging) volgen. In Nederland houdt dit in dat het parlement het verdrag goedkeurt, waarna dit bekend wordt gemaakt. Na goedkeuring door de Tweede Kamer, heeft op 12 april 2016 ook de Eerste Kamer akkoord gegeven op de wetsvoorstellen inzake ratificatie van het verdrag. Zie voor de actuele stand van zaken: http://www.un.org/disabilities/countries.

Door aansluiting bij het verdrag is de Nederlandse overheid verplicht tot het beschermen, waarborgen en bevorderen van de mensenrechten genoemd in het verdrag. Als gevolg hiervan moet de overheid onder andere wetten en beleid aanpassen zodat deze in overeenstemming zijn met het verdrag. Een voorbeeld is het recht op mobiliteit (artikel 20 van het verdrag). Als gevolg hiervan is de wet gelijke behandeling op grond van handicap en chronische ziekte (WGBH/cz) uitgebreid naar de terreinen van het aanbieden van goederen en diensten. Zo moeten treinen en stations uiterlijk in 2030 toegankelijk zijn voor gehandicapten en chronisch zieken en 46% van de bushaltes per 1 januari 2016.

Bovengenoemd recht op persoonlijke mobiliteit is een belangrijke voorwaarde voor de verwezenlijking van de andere mensenrechten, zoals het recht op arbeid. Dit recht, dat de vrijheid om te kiezen waar je wilt werken omvat, heeft geen betekenis als mensen worden belemmerd in het bereiken van hun werkplek.

VN verdrag en stage en werk

Op grond van artikel 27 van het verdrag moet de overheid het recht van personen met een handicap op werk bevorderen en waarborgen. Dit door middel van onder andere passende wetgeving die discriminatie op de werkvloer verbiedt, personen met een handicap ondersteunt bij het vinden en behouden van werk en waarborgt dat er op de werkplek wordt voorzien in redelijke aanpassingen. Tevens door middel van wetgeving en beleid teneinde personen met een handicap in dienst te nemen bij de publieke sector en de werkgelegenheid in de private sector te stimuleren door bijvoorbeeld een voorkeursbeleid, aanmoedigingsbeleid of andere maatregelen. Zie voor alle verplichtingen artikel 27 van het verdrag.

Zie voor meer informatie:

Nieuws

Verdringing op de arbeidsmarkt ook voor hoger opgeleiden met een handicap of chronische ziekte?

04-05-2016
De Wet Banenafspraak pakt niet voor iedereen positief uit. Dit kwam aan de orde tijdens de uitzending van het KRO-NCRV programma De Monitor op 1 mei jl. De wet leidt zelfs tot verdringing op de arbeidsmarkt tussen mensen met een handicap, aldus de makers. Een concurrentie die de politiek juist wil voorkomen. Geldt dit ook voor hoger opgeleiden op de arbeidsmarkt? Expertisecentrum handicap + studie hoort hier graag ervaringen over.
Lees verder over: Verdringing op de arbeidsmarkt ook voor hoger opgeleiden met een handicap of chronische ziekte? >>
Overzicht nieuws >>

Eerste Kamer unaniem akkoord met ratificatie VN Verdrag

13-04-2016
Gisteravond heeft de Eerste Kamer de wetsvoorstellen inzake de ratificatie van het VN Gehandicaptenverdrag aanvaard. Het Verdrag regelt dat iedereen, met of zonder een beperking, volwaardig kan deelnemen aan de samenleving. Staatssecretaris Van Rijn noemde het een 'historische dag'
Lees verder over: Eerste Kamer unaniem akkoord met ratificatie VN Verdrag >>
Overzicht nieuws >>

Vanaf 2017 gebouwen verplicht toegankelijk voor gehandicapten

21-01-2016
Op 21 januari 2016 nam de Tweede Kamer met algemene stemmen het wetsvoorstel aan tot goedkeuring van het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. PvdA-Kamerlid Van Dijk was de initiatiefnemer voor het in de wet vastleggen van de verplichting om openbare gebouwen en ruimten toegankelijk te maken voor mensen met een handicap. In de Tweede Kamer is achter de schermen druk onderhandeld om een meerderheid te krijgen voor dit voorstel en er is een compromis bereikt.
Lees verder over: Vanaf 2017 gebouwen verplicht toegankelijk voor gehandicapten >>
Overzicht nieuws >>

Vervolg debat VN Gehandicaptenverdrag

15-01-2016
Op donderdag 14 januari 2016 debatteerde de Tweede Kamer over het VN-gehandicaptenverdrag. Het debat zou aanvankelijk op 17 december 2015 plaatsvinden, maar werd uitgesteld omdat staatssecretaris Van Rijn meer tijd nodig had voor een reactie op het amendement van Otwin van Dijk (PvdA).
Lees verder over: Vervolg debat VN Gehandicaptenverdrag >>
Overzicht nieuws >>

Forse verschillen individuele studietoeslag

04-07-2015
Vanaf 1 januari 2015 is de Participatiewet van kracht. Studenten met een functiebeperking kunnen vanaf die datum een individuele studietoeslag aanvragen bij de gemeente waar zij staan ingeschreven.
Lees verder over: Forse verschillen individuele studietoeslag >>
Overzicht nieuws >>

Onduidelijkheid over ratificatie VN-Gehandicaptenverdrag

18-05-2015
Nederland heeft het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap in 2007 ondertekend. Voor de inwerkingtreding moet het verdrag nog worden geratificeerd (bekrachtigd). Het kabinet is voornemens dit deze regeerperiode te doen.
Lees verder over: Onduidelijkheid over ratificatie VN-Gehandicaptenverdrag >>
Overzicht nieuws >>

Studietoeslag

16-02-2015
Per 1 januari 2015 kunnen studenten met een functiebeperking die niet in staat zijn het wettelijk minimumloon te verdienen, een verzoek indienen tot het verkrijgen van individuele studietoeslag.
Lees verder over: Studietoeslag >>
Overzicht nieuws >>